In de nacht van 3 op 4 januari 2013 leidde in Eindhoven geweld door een groep tegen een slachtoffer tot de zogenaamde “kopschopperszaak”. Het OM gaf camerabeelden vrij om de verdachten op te sporen. Onder andere landelijke media zorgden voor verdere verspreiding. In de samenleving, waaronder op sociale media, werd veel en heftig gereageerd. De privacy van verdachten werd niet gespaard. Zij werden zelfs met naam en toenaam genoemd. De Hoge Raad der Nederlanden legt in haar beslissing van 13 oktober 2015 uit dat en waarom de lagere rechter strafvermindering mocht toepassen door alle media-aandacht.

Bron: www.rechtspraak.nl: strafvermindering door media-aandacht